Nieuws

 
 
19 november 2016

LOPEN OP HET WATER -- Samenvatting

Tijdens zijn studieverlof heeft Henk Stenvers, sinds 2002 algemeen secretaris/directeur van de Algemene Doopsgezinde Sociëteit, gewerkt aan een beleidsondersteunend document ten behoeve van de doopsgezinde geloofsgemeenschap. Dit document, met als titel 'Lopen op het water', is bedoeld om de inhoudelijke discussie binnen de geloofsgemeenschap verder vorm te geven.

De nota beschrijft hoe de broederschap er op dit moment voor staat en nodigt uit met elkaar hierover in gesprek te gaan. Samen op zoek naar hoe onze toekomst er uit zou kunnen zien. Op verschillende plekken in het land is de nota gepresenteerd. Voor onze regio was dit in Leeuwarden. Hier was ook al even gelegenheid met anderen hierover van gedachten te wisselen. Natuurlijk was de tijd veel te kort. Het is, denk ik, ook een gesprek dat we steeds weer met elkaar moeten hebben. De nota gaat ook over vertrouwen hebben (de titel verwijst naar het Bijbelverhaal waarin Jezus Petrus uitnodigt over het water naar hem toe te lopen). Vertrouwen ook om oude structuren los te laten en nieuwe wegen te bewandelen, maar wel steeds weer vanuit dat verhaal dat ons bindt en waarover we met elkaar in gesprek moeten blijven.

Wie de hele nota wil lezen, kan deze opvragen bij de ADS of downloaden op de website van de ADS (doopsgezind.nl) de precieze pagina is: http://www.doopsgezind.nl/dnieuws.php?nr=20044. Hieronder alvast een samenvatting:

DEEL I — Stand van zaken

De cijfers laten geen vrolijk verhaal zien. Op dit moment zijn er ruim 6.000 leden, 3.000 belangstellenden en 110 gemeentes. Ter vergelijking, in 2000 waren er nog een kleine 12.000 leden en 125 gemeentes. Al een aantal jaren daalt het aantal leden. Het aantal gemeentes daalt minder snel. Dit betekent dat gemeentes kleiner worden. Daarnaast is er een sterke mate van vergrijzing zichtbaar. Maar 4% van de leden is jonger dan 40 jaar en 22 % jonger dan 46. Er zijn in totaal 63 werkers, waarvan 48 proponent zijn. Maar zeven gemeentes hebben een fulltime predikant.

Er zijn relatief veel gemeentes. De helft van de gemeentes heeft minder dan 40 leden, waarvan de meesten op leeftijd zijn. Het wordt hierdoor steeds lastiger om de boel te organiseren. Dit zorgt soms voor een gevoel er alleen voor te staan en geen toekomst te hebben. Hier staat echter tegenover dat de onderlinge betrokkenheid vaak groot is. Voor deze gemeentes is van groot belang dat ze, zolang dat nog kan, doen waar ze goed in zijn en niet meer doen wat veel moeite kost of waar ze niet goed in zijn.

In het algemeen geldt dat het steeds moeilijker is kandidaten te vinden voor kerkenraden. Mensen binden zich liever niet aan een taak voor langere tijd, hoewel er wel vaak bereidheid is om iets concreets te doen. Soms geldt ook dat de taken van de kerkenraad niet helemaal helder zijn. Kerkenraadsleden nemen dan teveel op zich.

Voor de hele broederschap geldt dat de organisatievorm zich niet of nauwelijks heeft aangepast aan de realiteit. Deze is nog hetzelfde als toen er 20.000 leden waren. Hierdoor lopen we nu tegen grenzen op. Het is moeilijk (capabele) bestuurders te vinden.

Voor de werkers geldt dat de meesten in deeltijd werken. De werkgelegenheid zal de komende jaren alleen maar afnemen. Financiële overwegingen leiden vaak tot kleinere aanstellingen en/of het aanstellen van een pastoraal werker, i.p.v. een predikant. Ook worden er werkers aangesteld die niet zijn opgeleid aan het doopsgezind seminarie. Dit leidt tot verlies van de doopsgezinde identiteit. Een derde van de werkers werkt op dit moment in meer dan één gemeente. Door een groot aantal wordt dit als belastend ervaren.

Wat voor de gemeentes geldt, geldt ook voor de ADS. Het aantal taken van de ADS is de afgelopen twee eeuwen, en dan met name de afgelopen 50 jaar, enorm toegenomen. Gemeentes doen steeds meer een beroep op de ADS voor praktische en inhoudelijke ondersteuning. De structuur van BV (Broederschapsvergadering, de ledenvergadering), BR (Broederschapsraad, het bestuur) en RvT (Raad van Toezicht) is aan slijtage onderhevig. Zo is het ook hier lastig om goede bestuursleden te vinden en is de opkomst bij de BV al jaren ongeveer maar 60%. Hierdoor ontstaan problemen die goed besturen bedreigen. Bij landelijke instellingen spelen vergelijkbare problemen.

Gemeentemodellen

Uit dit alles kan geconcludeerd worden dat het huidige gangbare gemeentemodel voor de toekomst grotendeels onhoudbaar is. In de nota worden een aantal alternatieve gemeentemodellen genoemd, om aan te geven dat dat niet het einde van het doperdom hoeft te betekenen. Interessant is hierbij het onderscheid tussen gemeentemodellen die de gemeente definiëren door de grens (je bent lid of niet en het is belangrijk de grenzen te bewaken) of door een kern (een fysiek of inhoudelijk midden dat mensen bindt, waarbij iedereen die zich dichtbij of veraf van de kern beweegt tot de gemeenschap behoort).

Beschouwing

Hier worden een aantal dingen gezegd over de context waarin we kerk zijn:
Veel mensen behoren niet tot een kerk, maar hebben wel een religieus gevoel
Er zijn mensen die zich wel in een religieuze gemeenschap thuis voelen, maar niet geloven en andersom. De maatschappelijke positie van kerken verandert. Geloven is meer een privéaangelegenheid geworden. Er is sprake van religieuze individualisering. De cultuur wordt niet meer bepaald voor de kerken (post-christendom).
In de post-christelijke samenleving, lijkt het gemeentemodel, zoals wij dat kennen, niet meer te werken. Het streven is daarom naar open kernen die aantrekkelijk zijn, omdat het gemeenschappen zijn, waar mensen leven naar wat ze belijden.

Toekomstvisie

Alle nota’s en adviezen van de afgelopen decennia hebben het ledenaantal niet doen toenemen en ze hebben niet bijgedragen aan de verdieping van het geloofsleven. Je kan daar verschillend op reageren. Je kan het opgeven of een campagne beginnen om nieuwe leden binnen te halen. Maar je kan ook proberen open te staan voor de veranderende wereld en accepteren dat dingen voorbij gaan en nieuwe dingen komen.

Als we willen voortbestaan, moet de inhoud voorop staan. Niet langer ‘kerk spelen’, maar (tegen)beweging zijn. Om dat te kunnen doen, moeten we nadenken over waarom we willen dat ons verhaal verder gaat en wat ons verhaal eigenlijk is.

Over dertig jaar zal de wereld er heel anders uitzien, net zoals die er dertig jaar geleden heel anders uitzag. We gaan steeds meer in de richting van een netwerksamenleving, waarin veel vaste structuren zullen zijn vervangen door netwerken met meer tijdelijke en projectmatige contacten en samenwerking. Daar past nog wel degelijk een doopsgezinde geloofsgemeenschap in, hoewel ook die er anders uit zal zien. Een netwerk van kernen, waar mensen met elkaar verbonden zijn door een lokale context, een gezamenlijk doel of geloof en een inspirerende plaats. De grens tussen er wel en niet bij horen, zal niet zo scherp meer zijn. Het is daarbij belangrijk nieuwe initiatieven niet als bedreigend te zien, niet als concurrerend voor de bestaande gemeentes.

De nota sluit af met het beeld van een gemeenschap, onderweg met God en met elkaar, in navolging van Jezus. Vertrouwend op de hand die Jezus aan Petrus reikt, als bij over het water naar hem toekomt. In het vertrouwen het onbekende tegemoet gaan, als mensen van de weg.

Kort samengevat

Inslaan van nieuwe wegen kan alleen als we de angst voor een onbekende toekomst loslaten en ons richten op dat waar we als gemeenten goed in zijn. Zo kunnen gemeenten aantrekkelijke kernen zijn waar mensen toe willen behoren. Om werkelijk geloofsgemeenschap te kunnen zijn en blijven moeten we terug naar de inhoud en de navolging van Jezus centraal stellen.

DEEL II — Voorstellen voor de korte termijn

De voorstellen voor de korte termijn zijn gebaseerd op het hier en nu. Ze staan los van de discussie over de lange termijn.

Gemeentes

Veel gemeentes hebben moeite hun bestuurlijke taken vol te houden. Voor kleine gemeentes is het ondoenlijk alle taken van een traditionele protestantse gemeente te blijven uitvoeren. Een oplossing zou kunnen zijn, de bestuurlijke taken regionaal te delen, waarbij de zelfstandigheid van de gemeente blijft bestaan. Hierbij zou gedacht kunnen worden aan een regionaal samenwerkingsverband of aan een kerngemeente die kleinere (satelliet)gemeentes ondersteunt bij

bestuurlijke taken. Hierdoor komen in kleine gemeentes ruimte en energie vrij om te doen waar ze goed in zijn. De methodiek van waarderend gemeenteopbouw zou hierbij kunnen helpen.

Desondanks zullen er, door natuurlijk verloop, gemeentes verdwijnen. Het is belangrijk om hier als geloofsgemeenschap op een goede manier mee om te gaan. Bijvoorbeeld door te zorgen voor goede begeleiding bij het proces van afbouwen en afscheid nemen.

Kerkenraden

Kerkenraden moeten zich bezinnen op hun taken. Door dingen uit te besteden, kan er met een kleinere kerkenraad gewerkt worden. Ook de ADS kan een aantal uitvoerende taken overnemen.

Opleiding beroepskrachten

Inhoudelijk moet het Seminarium kijken of de opleiding nog wel de predikant opleidt die we in de toekomst nodig hebben. Momenteel gaat de opleiding nog uit van de bestaande situatie, maar die verandert snel. Daarnaast zou het Seminarium na moeten denken over het creëren van een opleiding voor mensen die naast een andere baan predikant/voorganger van een gemeente willen zijn. Permanente educatie van werkers is ook belangrijk en moet uitgebouwd worden. Met de cursus Doperse theologie en de lekenpredikerscursussen biedt het Seminarium scholing aan, die gemeentes niet meer zelfstandig kunnen aanbieden. Tot slot zouden de docenten een rol moeten spelen bij inhoudelijke theologische discussies en meer naar buiten gericht moeten zijn.

Aanstellingen

Om predikanten/voorgangers van een volwaardig salaris te kunnen voorzien, zou er gewerkt kunnen worden met een regionaal team van werkers, waarbij de predikant niet langer het spreekwoordelijke schaap met vijf poten hoeft te zijn, maar ieders vaardigheden en talenten ten volle benut zouden kunnen worden.

Overig

De informatie onder de kopjes samenwerkingsgemeentes, de bestuurlijke organisatie van de geloofsgemeenschap, de communicatie (landelijk), instellingen, de ADS en internationaal laat ik hier, omwille van de omvang, buiten beschouwing.

Ds. Yvette Krol
(Groningen, 18 november 2016) 


Naar het nieuwsoverzicht

  Meer informatie   Facebook   ANBI-register Groningse Doopsgezinde Sociëteit
 
  contact maandblad sitemap
  routebeschrijving nieuwsbrief disclaimer
  veelgestelde vragen inloggen  colofon
     
   
  © 2017 Doopsgezind.nl